Sluit deze melding

Stichting OOM maakt gebruik van cookies

Deze website maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie verwijzen we u naar onze Cookie Policy.

OOMNieuws

Reactie op het regeerakkoord

OOM is blij met de aandacht voor een levenlang leren in het nieuwe regeerakkoord. 'Maar met alleen een bijdrage in de studiekosten zullen veel medewerkers de weg naar bijscholing niet weten te vinden', zegt OOM-directeur Erik Yperlaan.

Fractievoorzitters Mark Rutte (VVD), Sybrand van Haersma Buma (CDA), Alexander Pechtold (D66) en Gert-Jan Segers (ChristenUnie) presenteerden op 10 oktober het regeerakkoord 'Vertrouwen in de toekomst'. In het regeerakkoord wordt het belang van een levenlang leren onderstreept. Om ervoor te zorgen dat iedereen zich na het afstuderen kan blijven ontwikkelen, wil het kabinet zich inzetten om de fiscale aftrekpost voor scholingskosten te vervangen door een individuele leerrekening voor alle Nederlanders die een startkwalificatie hebben gehaald.

Bijdrage in studiekosten

'Wij zijn natuurlijk blij dat het belang van een levenlang leren tot het regeerakkoord is doorgedrongen,' zegt OOM-directeur Erik Yperlaan.  'Maar we maken ons zorgen over het feit dat daarvoor alleen een faciliteit wordt geschapen voor de financiële kant van de zaak, namelijk: een bijdrage in de studiekosten. Dat is wat ons betreft wat kort door de bocht.
Voor de voortdurende ontwikkeling van werknemers zijn meer aspecten doorslaggevend. De context waarin een werknemer kan bijleren bijvoorbeeld. Als opleidingsfonds in het mkb-metaal met een decennialange staat van dienst weten we als geen ander dat de leercultuur binnen een bedrijf bepaalt of bijscholing regel of uitzondering is. Ook de dialoog tussen werknemer en werkgever over persoonlijke ontwikkeling, groei binnen het bedrijf en het scholingsaanbod dat daarop aansluit, is van cruciale waarde.

Zorgvuldig adviseren en begeleiden

Wij zetten ons dagelijks in om werkgevers en werknemers te overtuigen van de noodzaak en het plezier van verder leren. We adviseren en begeleiden hen snel en zorgvuldig waar het gaat om opleidingsplannen, cursuskeuze en de combinatie werken en leren. Dat kan alleen met een uitgebreide expertise van de sector, de technologische ontwikkelingen, de beroepen en de competenties.
Met alleen een bijdrage in de studiekosten zal een grote groep medewerkers de weg naar bijscholing niet weten te vinden. Terwijl dat juist in deze tijd, waarin het technisch vakmanschap door de snelle technologische ontwikkelingen razendsnel verandert, zo belangrijk is. Wij verwachten dan ook dat het nieuwe kabinet zal inzien dat de werkelijke keus voor leren of niet leren wordt gemaakt in het contact tussen werkgever en werknemer en de meerwaarde erkent van partijen die hen daarbij ondersteunen.'